woensdag 31 december 2025

BWV 598 “Pedal-Exercitium”

Orgelwerken

Misschien wel toepasselijk voor Oudejaarsdag, een compositie met een open einde. Bach schreef dit werk vermoedelijk voor studenten, die er dan zelf een einde aan moesten improviseren. Het is het laatste werk van de serie orgelwerken, hierna volgt het Orgelbüchlein. Het verhaal gaat dat Bach dit stuk razendsnel speelde onder andere wanneer hij een nieuwgebouwd orgel testte.

BWV 598.

Pedal-Exercitium - Matthias Havinga

Pedal exercitium - Anne-Isabelle de Parcevaux


Anne-Isabelle de Parcevaux



 


 

dinsdag 30 december 2025

BWV 597 “Concert in Es”

Orgelwerken

Algemeen wordt aangenomen, dat dit concert weliswaar stamt uit dezelfde periode als de vorige vijf concerten, maar het is zeer twijfelachtig of het hier een werk van Bach betreft. 


Fragment BWV 597.

Concerto in E-flat Major - Christian Ahlskog

Concerto in E-flat Major - Jan Willem Docter






 

maandag 29 december 2025

BWV 596 “Concert in d klein”

Orgelwerken

Ook hier betreft het weer een bewerking van een concert van Vivaldi. De telkens herhaalde noot in het eerste deel op het pedaal is dan ook niet echt in de stijl van Bach. Maar het is wel een werk van Bach zelf. In een door Bach zelf geschreven handschrift noteerde hij zelfs eigenhandig de registratieaanwijzingen. De liefde voor de Italiaanse muziek en zeker voor het werk van Vivaldi leefde aan het hof van Weimar in die dagen. Dit concert is gecomponeerd door Bach in de periode 1714 – 1717. Het concert is de laatste in een serie van vijf. 

Fragment BWV 596.

Concert in d klein - Leo van Doeselaar

Concerto in d-moll - Gerben Budding



 

zondag 28 december 2025

BWV 595 “Concert in C groot”

Orgelwerken

Nederlandse Bachvereniging:
Johann Ernst IV, hertog van Saksen-Weimar, was bijna vijftien toen hij in Utrecht rechten kwam studeren. Als muziekminnaar kon hij in de Nederlanden zijn hart ophalen, want hij stond er als het ware naast een van ’s werelds belangrijkste muziekdrukpersen. Weer terug in Weimar kon hertog Johann Ernst helaas niet lang genieten van de kunsten van zijn uiterst productieve organist. Al kort na vertrek uit de Domstad ontwikkelde hij een gezwel aan zijn been, dat hem in 1715 fataal werd, achttien jaar oud. Johann Ernst liet zich in zijn eigen muziek, overwegend vioolconcerten, sterk door Vivaldi inspireren. Telemann had de adellijke componist bij leven uitbundig geprezen en publiceerde na diens dood een selectie van zijn muziek. Eerlijk gezegd verbleekt het resultaat toch een beetje bij het Italiaanse model. Johann Ernsts eerder schematische stijlbegrip blijkt ook in Bachs bewerking (BWV 595) van het Allegro van het Vioolconcert in C groot. Het originele concert is verloren gegaan, maar Bach maakte ook een complete bewerking voor klavecimbel, BWV 984. Dat het concert ondanks alle herhaling en schrale harmoniek toch een feestelijk effect heeft, is te danken aan het frisse, springerige thema en de gejaagde afwisseling tussen rug- en hoofdwerk, meer dan in welk ander Bachwerk.

Fragment BWV 595.

Concert in C groot - Elske te Lindert

Concerto in C - Jonathan Scott

Concerto C dur - Gerben Budding




 

zaterdag 27 december 2025

BWV 594 “Concert in C groot”

 

Orgelwerken

Nederlandse Bachvereniging:
Dit energieke Concert in C groot maakt deel uit van een groep van vijf transcripties van concerten van onder meer Antonio Vivaldi (BWV 592-596). Bach schreef ze in Weimar rond 1713, toen hij in dienst was van het hof van Sachsen-Weimar. De neef van zijn werkgever, de jonge prins Johann Ernst von Sachsen-Weimar, voorzag Bach van nieuwe muziek, vers van de pers vanuit Nederland. Zo maakte Bach kennis met concerten van Vivaldi, die hij vervolgens voor orgel transcribeerde. Of Vivaldi’s Concert in D groot, dat Bach in dit Orgelconcert in C groot als model gebruikt, ook door Johann Ernst is meegenomen uit Amsterdam, weten we niet. De versie die Bach kende en bewerkte, is niet op één enkele bron terug te voeren en bevat lange passages voor soloviool die uit verschillende handschriften komen.”


Fragment BWV 594.

Concert in C groot - Peter Kofler

Concerto in C major – Ton Koopman




vrijdag 26 december 2025

BWV 593 “Concert in a klein”

 

Orgelwerken

Nederlandse Bachvereniging:
Toen in 1711 in Amsterdam Vivaldi’s bundel L’estro armonico met revolutionaire nieuwe concerti verscheen, kreeg Bach die niet lang daarna onder ogen. Waarschijnlijk leerde hij de bundel kennen via prins Johann Ernst, de jonge neef van zijn werkgever hertog Wilhelm Ernst van Weimar. Deze prins was een leerling van Bach en veelbelovend als musicus en componist. Tussen 1711 en 1713 studeerde hij aan de universiteit van Utrecht en bij terugkeer naar Weimar nam hij een aanzienlijke hoeveelheid nieuwe muziek mee. Bach, die als organist en kamermusicus in dienst was van de hertog, bewerkte zes van de twaalf concerti uit L’estro armonico voor verschillende bezettingen. Het driedelige Concert in a klein voor twee violen, strijkers en basso continuo werkte hij om voor orgel solo. 
Voor Bach was het maken van zo’n bewerking of transcriptie een uitgelezen manier om door te dringen tot de essentie van wat hij volgens zijn biograaf Forkel beschouwde als een nieuwe manier van ‘muzikaal denken’. Vivaldi’s concerti munten uit in het samengaan van een uitgekiende korte- en langetermijnstrategie: stuwende ritmes en pakkende melodische lijnen worden onderbouwd door een hechte structuur maar voorzien van een opvallend contrast tussen tutti- en sologedeeltes.”

Fragment BWV 593

Concert in a klein - Reitze Smits

Reitze Smits

Concert in a klein - Paul De Maeyer



donderdag 25 december 2025

BWV 63 “ Christen, ätzet diesen Tag“


Cantates

We wijken op deze Eerste Kerstdag af van de nummering die we aanhielden. En we kijken naar de eerste cantate die door Bach werd uitgevoerd. Het is een cantate die waarschijnlijk in een gewijzigde vorm en even waarschijnlijk voor het eerst werd uitgevoerd op 25 december 1713. Het was niet alleen voor Kerst, maar tevens een bede voor de gezondheid van prins Johann Ernst, de zoon van Bach’s werkgever in Weimar.  Deze gelegenheid verklaart de extreem grote bezetting van de cantate (vier trompetten, drie hobo’s!) die nooit op het krappe koorbalkon van de hofkapel zou hebben gepast maar wel geschikt is voor grote feestdagen die de hertogelijke familie placht te vieren in één van Weimars grote kerken (St Peter und Paul, “Herderkirche” of Jakobskirche).  En het verklaart ook het enigszins ambivalente karakter dat de cantate gehad moet hebben: geschikt als kerstcantate, maar ook als bede voor de gezondheid van de jonge prins (1696-1715), die enkele maanden eerder ernstig ziek was teruggekeerd van zijn grand tour (naar Utrecht en Amsterdam). In elk geval biedt BWV 63 ons buitengewoon feestelijke muziek, met - zoals gezegd - een voor Bach buitensporige instrumentale bezetting. Opvallend is het gebruik van de naam Silo voor de Messias. Dat verwijst naar Genesis 49:10, de enige plek waar de Messias Silo wordt genoemd, wanneer Jacob zijn zegen uitspreekt over zijn zonen, in dit geval Juda. In latere vertalingen wordt deze naam overigens weggelaten. De aria (3 Gott, du hast es wohl gefüget) is een duet, wat lijkt te onderstrepen dat Bach het gemeenschappelijke karakter van het Kerstfeest tot uiting wil brengen. Het gaat om ons (uns) in deze aria. De cantate eindigt tenslotte in een feestelijk slotkoor, waar de koperblazers weer volop in actie komen.


Fragment BWV 63

"Christen, ätzet diesen Tag"  - J.S. Bach Foundation

'Christen, ätzet diesen Tag' - Nederlandse Bachvereniging onder leiding van Marcus Creed

‘Christen ätzet diesen Tag’ - Collegium Vocale Gent - Philippe Herreweghe

Koor en Orkest van de Weimar Bachkantaten - Akademie Ghirlanda – Helmuth Rilling

1.Chor
Christen, ätzet diesen Tag
in Metall und Marmorsteine!
Kommt und eilt mit mir zur Krippen
und erweist mit frohen Lippen
euren Dank und eure Pflicht;
denn der Strahl, so da einbricht,
zeigt sich euch zum Gnadenscheine.

2. Rezitativ (Alt)
O selger Tag! o ungemeines Heute,
an dem das Heil der Welt,
der Schilo, den Gott schon im Paradies
dem menschlichen Geschlecht verhieß,
nunmehro sich vollkommen dargestellt
und suchet Israel von der Gefangenschaft
und Sklavenketten
des Satans zu erretten.
Du liebster Gott,
was sind wir Arme doch?
Ein abgefallnes Volk, so dich verlassen;
und dennoch willst du uns nicht hassen;
denn eh wir sollen noch
nach dem Verdienst zu Boden liegen,
eh muß die Gottheit sich bequemen,
die menschliche Natur an sich zu
nehmen und auf der Erden
im Hirtenstall zu einem Kinde werden.
O unbegreifliches, doch seliges Verfügen!

3. Duett (Sopran, Bass)
Gott, du hast es wohl gefüget,
was uns itzo widerfährt.
Drum laßt uns auf ihn stets trauen
und auf seine Gnade bauen,
denn er hat uns dies beschert,
was uns ewig nun vergnüget.

4. Rezitativ (Tenor)
So kehret sich nun heut
das bange Leid,
mit welchem Israel geangstet
und beladen,
in lauter Heil und Gnaden.
Der Low aus Davids Stamme ist
erschienen,
sein Bogen ist gespannt,
das Schwert ist schon gewetzt,
womit er uns in vor’ge Freiheit setzt.

5. Duett (Alt, tenor)
Ruft und fleht den Himmel an,
kommt, ihr Christen, kommt
zum Reihen,
ihr sollt euch ob dem erfreuen,
was Gott hat anheut getan!
Da uns seine Huld verpfleget
und mit so viel Heil beleget,
das man nicht g’nug danken kann.

6. Rezitativ (Bass)
Verdoppelt euch demnach,
ihr heisen Andachtsflammen,
und schlagt in Demut brunstiglich
zusammen!
Steigt frohlich himmelan,
und danket Gott vor dies, was er getan!

7. Chor
Höchster, schau in Gnaden an
Diese Glut gebuckter Seelen!
Las den Dank, den wir dir bringen,
angenehme vor dir klingen,
las uns stets in Segen gehn,
aber niemals nicht geschehn,

das uns Satan moge qualen.
--------------

1. Koor
Christenen, graveer deze dag
in metaal en marmer!
Kom en haast je met mij naar de kribbe
en toon met vreugdevolle lippen
je dank en je plicht;
want de straal die doorbreekt
toont zich aan jou als een stralend licht van genade.

2. Recitatief (Alt)
O gezegende dag! O buitengewone dag vandaag,
waarop de redding van de wereld,
de Silo, die God al in het paradijs
aan de mensheid beloofde,
zich nu volmaakt openbaart
en Israël probeert te redden uit de gevangenschap
en ketenen van slavernij
van Satan.
O liefste God,
wat zijn wij toch armzalige wezens?
Een gevallen volk dat U verlaten heeft;
en toch zult U ons niet haten;
Want voordat wij op de grond liggen overeenkomstig onze verdienste,
voordat de Godheid ermee moet instemmen
de menselijke natuur aan te nemen en een kind op aarde te worden
in de stal van de herder.
O onbegrijpelijk, maar gezegend besluit!

3. Duet (sopraan, bas)
God, U hebt goed beschikt
wat ons nu overkomt.
Laten we daarom altijd op Hem vertrouwen
en bouwen op Zijn genade,
want Hij heeft ons dit geschonken,
wat ons nu voor altijd gelukkig maakt.

4. Recitatief (tenor)
Zo verandert vandaag
het angstige lijden
waarmee Israël gekweld
en belast was,
in pure verlossing en genade.
Laag uit de lijn van David is
verschenen,
zijn boog is gespannen,
het zwaard is al geslepen,
waarmee Hij ons in onze vroegere vrijheid plaatst.

5. Duet (alt, tenor)
Roep en smeek de hemel,
kom, jullie christenen, kom
naar de gelederen,
jullie zullen je verheugen over wat God vandaag heeft gedaan!
Want Zijn genade heeft ons gevoed
en ons zoveel verlossing geschonken,
dat men niet genoeg kan danken.

6. Recitatief (Bas)
Verdubbel dan jullie,
jullie vurige devotievlammen,
en sla samen vurig in nederigheid!
Stijg vreugdevol op naar de hemel,
en dank God voor wat Hij heeft gedaan!

7. Koor
Allerhoogste, zie met genade naar
deze gloeiende gloed van nederige zielen!
Laat de dank die wij U aanbieden
welgevallig voor U klinken,
laten we altijd in zegen wandelen,
maar laat het nooit gebeuren
dat Satan ons kwelt.



 

woensdag 24 december 2025

BWV 592 ‘Concert in G groot’

Orgelwerken  

Nederlandse Bachvereniging:
Het Concert in G groot maakt deel uit van een groep van vijf concerttranscripties die Bach maakte in Weimar rond 1713. Voor drie hiervan fungeerden composities van Vivaldi als voorbeeld. Het origineel van dit concert is van de hand van prins Johann Ernst. Deze jonge neef van Bachs werkgever in Weimar verbleef enige tijd in Nederland en was een veelbelovend violist en componist. Toen in 1711 in Amsterdam L’estro armonico verscheen, Vivaldi’s revolutionaire bundel met strijkersconcerten, stortte Johann Ernst zich onmiddellijk ook op het schrijven van concerten. Bach was eveneens gefascineerd door dit nieuwe Italiaanse genre, maar hij pakte het anders aan. Hij begon met het maken van bewerkingen, blijkbaar om eerst de finesses te doorgronden. Misschien had ook de jonge prins dat beter kunnen doen, want Bach ‘corrigeerde’ en verrijkte diens compositie heel wat meer dan de concerten van Vivaldi. Niettemin mag het stuk er zijn: er gaat zo’n overweldigende blijdschap uit van het eerste deel dat de tranen je spontaan in de ogen springen. De eenvoudige motiefjes van de solo- en de tuttigedeeltes worden op verschillende klavieren steeds een treetje hoger gespeeld, tot in de allerhoogste regionen. Het is eendimensionaal in de allerbeste zin van het woord. Het middendeel wordt als contemplatieve tegenhanger gedomineerd door een ietwat mysterieus, slepend ritme. In het slotdeel keert dezelfde overrompelende, jeugdige overmoed weer. De prins stierf in 1715, nog maar achttien jaar oud. Wat er uit hem zou zijn gegroeid als hij was blijven leven, is de vraag. Maar dat Bach het talent herkende en zich niet te goed voelde om de potentie van het werk van deze jongen te openbaren, spreekt boekdelen.” 

Fragment BWV 592

Concert in G groot - Leo van Doeselaar

Concerto G Dur - Matthias Maierhofer



 

dinsdag 23 december 2025

BWV 591 ‘Kleines harmonisches Labyrinth’

 


Orgelwerken

Verondersteld wordt dat dit stuk symbool staat voor de moeitevolle levensreis van de ziel. Zeker in het eerste deel, de Introïtus is er sprake van het labyrint, terwijl in het Centrum, het tweede van de drie delen, overgegaan wordt op een soort van rustiger wandeling. Ook het laatste deel, de Exitus, verloopt rustiger dan het eerste deel. Er is overigens veel twijfel of dit stuk terecht is toegeschreven aan Bach. Soms wordt zijn tijdgenoot Johann David Heinichen (1683-1723) als auteur genoemd.

Fragment BWV 591

Kleines harmonisches Labyrinth - Ton Koopman




maandag 22 december 2025

BWV 590 ‘Pastorella in F groot’

Orgelwerken

Nederlandse Bachvereniging
Wanneer je het eerste deel van BWV 590 hoort welt meteen een kerstgevoel op. Ook als er geen “pastorale” of “pastorella” boven zou staan was dat duidelijk: een rustig wiegende 12/8 maatsoort en simpele melodische gebaren klinken boven lange stilliggende noten in het pedaal. Daarmee past de muziek in een lange traditie van, vooral Italiaanse, gestileerde ‘herdersmuziek’ (de lange noten in het pedaal verwijzen naar de continu klinkende bourdontoon van een doedelzak). En herders horen, in de kerk althans, bij Kerstfeest. De pastorale wijst behalve naar kerst, zoals gezegd, ook naar Italië. En ook het derde deel van BWV 590 past helemaal in het Italiaanse klankbeeld. Er klinkt een ietwat weemoedig zingende solo boven eenvoudige akkoorden in de linkerhand, zonder duidelijk baslijn. Of Bach de drie deeltjes die op de pastorale volgen er zelf aan toevoegde of dat latere musici de vier tot één set samenvoegden is niet duidelijk. Maar juist door die samenvoeging dringt het Kerst-idee zich aan de hele vierdelige set op. Na de Italiaanse pastorale klinkt in deel twee een musette: opnieuw doedelzakmuziek, maar nu in Franse stijl. In deel drie zijn we als gezegd terug in Italië, maar lijkt Kerst verdwenen. Tot aan de beginmaten van de uitgelaten driestemmige inventie aan het slot: die lijken een verwijzing naar de Kersthymne Resonet in laudibus. Kortom: een beetje Italië, een beetje Frankrijk, en een flinke scheut Kerst.”


Fragment BWV 590

Pastorella in F groot – Reitze Smits

Pastorale BWV 590 - Olga Minkina

Pastorale in F-dur - Gerben Budding






 

zondag 21 december 2025

BWV 589 ‘Allabreve in D groot’

Orgelwerken

Nederlandse Bachvereniging:
In Bachs tijd waren er, simpel gesteld, twee theoretische componeermodellen. De moderne stijl was wat we nu meestal met barokmuziek associëren: snelle loopjes, harmonische wendingen, plotselinge dissonanten, contrasten in tempo en dynamiek. De stile antico was de oude stijl, volgens de compositieregels die in de zestiende eeuw de norm waren. Sinds het begin van de zeventiende eeuw bleef die naast de nieuwe stijl bestaan. De stile antico werd gekenmerkt door rustig en vooral stapsgewijs lopende lijnen en meestal weinig harmonische strapatsen. In Bachs tijd werd de stile antico geassocieerd met kerkmuziek, statigheid en plechtigheid. Bach beheerste beide stijlen – oud en nieuw - tot in de puntjes en kon ze naar zijn hand zetten. Ook in BWV 589 doet hij dat. Ritmisch blijft alles ‘antico’, en het beginthema keert voortdurend, volgens de regels van de stijlvorm, door het hele stuk heen in alle stemmen terug. Maar harmonisch wordt het stukje bij beetje avontuurlijker. Bach begint verder af te dwalen van de begintoonsoort en nog weer verderop sluipen er af en toe chromatische passages binnen. Kort voor het eind, vlak voordat het pedaal op de lange en lage slotnoot stil blijft staan, houdt hij de luisteraar nog even bij de les met een duidelijk ‘moderne’ harmonische wending. ‘Stile antico’, jazeker, maar wel in een modern jasje.”

Fragment BWV 589

Allabreve in D groot - Ton Koopman

Allabreve - Hayo Boerema



 

zaterdag 20 december 2025

BWV 588 ‘Canzona in d klein’

 

Orgelwerken

Nederlandse Bachvereniging:
Met de uitbarsting van de barok in zestiende-eeuws Italië kregen componisten meer interesse in instrumentale muziek. Het belangrijkste genre was de canzona, een solo- of ensemblewerk in verschillende delen die een waaier aan sferen oproepen. Trouw aan het renaissance-contrapunt, maar verlost van de natuurlijke beperkingen van zangers, schreven meesters als Girolamo Frescobaldi graag lastige intervallen en zochten ze de uiterste registers van hun instrumenten op. Door zijn flexibiliteit werd het genre al snel in heel Europa populair. Johann Jakob Froberger en Dietrich Buxtehude vertegenwoordigden in het noorden een late bloei. Bach volgde het archetype in detail, misschien wel geïnspireerd door een Frescobaldi-uitgave uit 1635 in zijn bezit.”


Fragment BWV 588

Canzona in d klein - Dorien Schouten

Canzona d-Moll · Ton Koopman





vrijdag 19 december 2025

donderdag 18 december 2025

woensdag 17 december 2025

BWV 585 ‘Trio in c klein’

Orgelwerken

Ook dit werk is oorspronkelijk niet van Bach. Het is een transcriptie van twee delen uit de sonate van de Duitse componist Johann Friedrich Fasch (1688-1758). Het stuk lijkt zeker door Bach te zijn omgezet en het is zeer voorstelbaar dat hij het zeer gewaardeerd heeft.


Fragment van de sonate van Fasch

Trio in C Minor after Johann Fredrich Fasch - Ulf Norberg

Trio in C minor, (by Fasch) · Peter Hurford




 

maandag 15 december 2025

BWV 583 ‘Trio in d klein’

Orgelwerken

Is dit stuk een onderdeel geweest van een groter werk, waarvan een deel verloren is gegaan? Hete is niet bekend. Het stuk zelf is pas ontdekt na het overlijden van Bach. Het kan ook zijn dat hij een bestaand werk heeft omgewerkt naar deze trio voor orgel.  Hoe het ook zij, dit trio is bewaard gebleven.

Fragment BWV 583

Trio in D Minor · Ton Koopman


 

zondag 14 december 2025

BWV 582 ‘Passacaglia in c klein’

Orgelwerken

Nederlandse Bachvereniging:
In het geval van de Passacaglia in c klein is de genialiteit van Bach in elk geval zonneklaar. Als variatiewerk overstijgt het alles wat Bach in zijn jonge jaren gehoord kan hebben. Het ostinato, de telkens herhaalde baslijn die het fundament van een passacaglia vormt, telt niet de gebruikelijke vier, maar acht maten. Het werk bestaat niet uit de gebruikelijke vijf à zes, maar uit twintig variaties. En de baslijn wordt na gedane zaken ook nog eens gesplitst en opgevat als twee afzonderlijke thema’s die, vergezeld van een derde thema, het materiaal vormen voor een ingenieuze fuga De vroegste kopie van de Passacaglia werd gemaakt tussen 1706 en 1713 door Bachs oudere broer Johann Christoph. Nu bracht Bach in 1705 een langdurig bezoek aan Buxtehude, de man die hem wat variatiewerken betreft ongetwijfeld het meest heeft beïnvloed. De conclusie ligt dus voor de hand dat Bach de Passacaglia kort na terugkeer van zijn reis componeerde.”


Fragment BWV 582

Passacaglia in c klein - Reitze Smits

Passacaglia - Jos van der Kooy



Jos van der Kooy



 

zaterdag 13 december 2025

BWV 581 ‘Fuga in G groot’

Orgelwerken

 Dit werk, heel kort van ruim anderhalve minuut, wordt door sommigen beschouwd als werk van de hand van Bach. Anderen denken dat het is van de hand van Gottfried August Homilius, die een aantal koraalwerken heeft geschreven. Het stuk nemen we toch op in het blog omdat we de BWV nummering volgen..




 

vrijdag 12 december 2025

BWV 580 ‘Fuga in D groot’

Orgelwerken

En totaal ander werk vandaag. Een vrij korte compositie. Er is over dit werk verder vrij weinig bekend. Ook hier wordt getwijfeld of het door Bach zelf is gecomponeerd, al is er een overeenkomst met het thema van BWV 589.

Fragment BWV 580



Marie-Claire Alain



 


 

donderdag 11 december 2025

BWV 579 ‘Fuga in b klein’

 

Orgelwerken

Bach onderzocht veel werk van medecomponisten in zijn tijd. Daar leerde hij van en hij gebruikte thema’s om nieuwe scheppingen het licht te doen zien. De fuga van vandaag wordt ook wel de “Fuga op een thema van Corelli” genoemd. Het thema van deze fuga is ontleend aan de Sonata da Chiesa opus 3 nr. 4 van Corelli (1689). Het is een combinatie van het vrolijke, levenslustige van Italiaanse oorsprong die een plek krijgt in de pure regels van de Duitse orgelmuziek van die dagen.


 


woensdag 10 december 2025

BWV 578 ‘Kleine fuga in g klein’

Orgelwerken

In tegenstelling tot BWV 542 de ‘grote fuga in g klein, nu dus de kleine fuga. Een fuga waar het plezier van af lijkt te spatten. Ook hier zijn Italiaanse invloeden merkbaar. Deze fuga van Bach is voor veel andere componisten de inspiratiebron geweest om op dit thema door te componeren.


Fragment BWV 578

'Kleine' Fuga in g klein - Dorien Schouten

"Little" Fugue, G minor - Elisabet Wimark

Fugue in G minor - Ton Koopman




 

dinsdag 9 december 2025

BWV 577 ‘Fuga in g groot’

 

Orgelwerken

Een zeer bekende fuga vandaag. Te eenvoudig om van Bach te zijn? Dat is een vraag die wordt opgeworpen. Maar het kan ook een feestelijke compositie zijn van de jonge Bach.


Fragment BWV 577

'Gigue' Fugue G-Major - Matthias Havinga

Fugue à la Gigue - Gerhard Gnann



 


BWV 632 “Herr Jesu Christ, dich zu uns wend”

Orgelbüchlein "Herr Jesu Christ, dich zu uns wend" is een luthers gezang uit de 17e eeuw. De melodie ervan werd in verschillende c...