Clavier-Übung III
Nederlandse
Bachvereniging:
“De drie stukken, waarvan dit Christe, aller Welt Trost het tweede
stuk is, zijn gecomponeerd rond de lange melodieën van een zogenaamde trope:
een standaardgezang met extra tekst, in dit geval dus ‘Kyrie/Christe/Kyrie […]
eleison’. Elk is gewijd aan een facet van de Drie-eenheid, waarbij Bach
de cantus firmus (de al bestaande melodie) een symbolische plek
geeft: eerst bij de Vader superieur in de sopraan; dan bij de Zoon midden
tussen de andere stemmen in de tenor; en tot slot bij de Heilige Geest in de
bas, als fundament. Het is opmerkelijk hoe streng Bach zich houdt aan de
muzikale spelregels oftewel het contrapunt van de Renaissance, een oude stijl
die hij goed kende via onder andere Frescobaldi. Zo blijken de vele dissonante
passages vooral ‘toevallige’ clashes die voortvloeien uit het strakke
lijnenspel, meer dan een speciaal ingezet affect. Uit de notatie in lange
notenwaarden blijkt dat de muziek zeer gedragen moet klinken, terwijl Bach de
tijd ook nog eens bijna helemaal volschrijft, met andere woorden: de fuga’s
zijn bijzonder strak, er valt nauwelijks een harmonische pauze. Ook de
toonsoort, of beter gezegd de oorspronkelijk middeleeuwse modus van G frygisch,
verwijst naar vergane tijden.”
Christe, aller Welt Trost - Leo van Doeselaar
Christe, Aller welt Trost - Bart Jacobs
Kyrie, Gott Vater in Ewigkeit,
groß ist deine Barmherzigkeit,
aller Ding ein Schöpfer und Regierer:
eleison.
Christe, aller Welt Trost,
uns Sünder allein hast erlöst.
O Jesu, Gottes Sohn,
unser Mittler bist im höchsten Thron,
zu dir schreien wir aus Herzensbegier:
eleison.
Kyrie, Gott Heiliger Geist,
tröst, stärk uns im Glauben allermeist,
daß wir am letzten End
fröhlich abscheiden aus diesem Elend:
eleison.





