Leipziger koralen
Van
deze compositie bestaat een vroege, soberder versie uit Bachs tijd in Weimar,
BWV 662a. “Zelden gaf Bach zijn koraalbewerkingen een tempoaanduiding mee,
maar boven deze versie van 'Allein Gott in der Höh sei Ehr' zette hij ‘adagio’.
Kennelijk wilde hij geen enkel misverstand laten bestaan over de sfeer die hij
voor deze compositie in gedachten had. Hij had voor deze lovende tekst ook
feestelijk kunnen uitpakken, zeker gezien zijn keuze voor twee klavieren en
pedaal. Maar wat hier klinkt is balsem voor de ziel.” (Nederlandse
Bachvereniging)
De melodie is in meerdere Cantates gebruikt door Bach, namelijk de nummers BWV 85,
104, 112 en 128. Bij de vierstemmige koralen, BWV 260,
zagen we dit koraal al eerder. Bij deze Leipziger koralen zien we drie
varianten, de nummers 662, 663 en 664. Ook in Clavier-Übung III zien we drie varianten, namelijk BWV 675, 676 en 677. Later
komen we dit koraal ook tegen als onderdeel van de Kirnberger koralen, BWV 711.
Een aantal koraalvoorspelen voor dit koraal tenslotte kregen de nummers BWV 715,
716 en 717. Kortom het is een veelvuldig gebruik door Bach van dit koraal en
kennelijk was het voor hem dan ook een belangrijk koraal.
Allein Gott in der Höh sei Ehr - Reitze Smits
Allein Gott in der Höh' sei Ehr - Els Biesemans
'Allein Gott in de Höh' sei Ehr - Gerben Budding
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
"Allein Gott in der Höh sei Ehr", BWV 662a (Weimarer Fassung) · Olivier Vernet
Allein Gott in der Höh sei Ehr
und Dank für seine Gnade,
darum dass nun und nimmermehr
uns rühren kann kein Schade.
Ein Wohlgefalln Gott an uns
hat;
nun ist groß Fried ohn Unterlass,
all Fehd hat nun ein Ende.
Wir loben, preisn, anbeten dich;
für deine Ehr wir danken,
dass du, Gott Vater, ewiglich
regierst ohn alles Wanken.
Ganz ungemessn ist deine Macht,
allzeit geschieht, was du bedacht.
Wohl uns solch eines Herren!
O Jesu Christ, Sohn eingeborn
des allerhöchsten Vaters,
Versöhner derer, die verlorn,
du Stiller unsres Haders,
Lamm Gottes, heilger Herr und Gott:
nimm an die Bitt aus unsrer Not,
erbarm dich unser aller.
O Heilger Geist, du höchstes Gut,
du allerheilsamst’ Tröster:
vor Teufels G’walt fortan behüt,
die Jesus Christ erlöset
durch große Mart’r und bittern Tod;
abwend all unsern Jamm’r und Not!
Darauf wir uns verlassen.





