maandag 23 februari 2026

BWV 652 “Komm, heiliger Geist, Herre Got”

Leipziger koralen

Een andere bewerking van hetzelfde koraal als op 22 februari. Maar het karakter is totaal anders. Hier geen grote uitbundigheid, maar een volledige verstilling. Elke regel wordt ingeleid met voor-imitaties in alt, tenor en bas, waarbij de melodie versierd wordt. Daarna klinkt de regel nog sterker versierd en uitkomend in de sopraan. Alleen het slot breekt met de verstilling. Het Halleluja vormt de aanleiding voor overgang van achtsten naar zestienden voor een spetterende afsluiting.

Fragment BWV 652.

Komm, heiliger Geist, Herre Got - Daniel Bruun

Komm, Heiliger Geist -Bálint Karosi



Komm Heiliger Geist, Herre Gott,
erfüll mit deiner Gnaden Gut
deiner Gläubigen Herz, Mut und Sinn,
dein brennend Lieb entzünd in ihn'.
O Herr, durch deines Lichtes Glanz
zum Glauben du versammelt hast
das Volk aus aller Welt Zungen.
Das sei dir, Herr, zu Lob gesungen.
Halleluja, Halleluja.

Du heiliges Licht, edler Hort,
laß uns leuchten des Lebens Wort
und lehr uns Gott recht erkennen,
von Herzen Vater ihn nennen.
O Herr, behüt vor fremder Lehr,
daß wir nicht Meister suchen mehr
denn Jesus mit rechtem Glauben
und ihm aus ganzer Macht vertrauen.
Halleluja, Halleluja.

Du heilige Glut, süßer Trost,
nun hilf uns, fröhlich und getrost
in deim Dienst beständig bleiben,
die Trübsal uns nicht wegtreiben.
O Herr, durch dein Kraft uns bereit
und wehr des Fleisches Ängstlichkeit,
daß wir hier ritterlich ringen,
durch Tod und Leben zu dir dringen.
Halleluja, Halleluja.




 

zondag 22 februari 2026

BWV 651 “Fantasia Super: Komm, Heiliger Geist”

Leipziger koralen

De 18 Leipziger koralen (BWV 651-668) of Choräle von verschiedener Art (vrij vertaald: diverse soorten koralen) is de naam die is gegeven aan een manuscript van Johann Sebastian Bach met een verzameling van achttien koralen, gecomponeerd door Bach in de jaren veertig van de 18e eeuw, en waarschijnlijk bestemd om te worden gepubliceerd.
We kennen het koraal ook als vroegere bewerking, wat bekend staat als BWV 651 a. Dit koraal stamt uit de periode in Weimar, terwijl het in Leipzig zijn definitieve vorm heeft gekregen. Het overweldigende begin van deze groots opgezette koraalfantasie verwijst haast letterlijk naar het begin van Handelingen 2 uit de Bijbel. Daarin gaat het over Pinksteren: “Toen de dag van het Pinksterfeest aanbrak waren ze allen bij elkaar. Plotseling klonk er uit de hemel een geluid als van een hevige windvlaag, dat het huis waar ze zich bevonden geheel vulde. Er verschenen aan hen een soort vlammen, die zich als vuurtongen verspreidden en zich op ieder van hen neerzetten, en allen werden vervuld van de heilige Geest en begonnen op luide toon te spreken in vreemde talen, zoals hun door de Geest werd ingegeven.” De onderliggende koraalmelodie, die Bach ook gebruikt in verschillende Pinkstercantates, klinkt in het pedaal. Maar pas nadat daar eerst een lang aangehouden noot, een zogenoemd orgelpunt, ons dreunend in de oren heeft geklonken. Met korte onderbrekingen komt vervolgens de hele koraalmelodie aan bod. Die blijft een onafhankelijk baken van rust in de om elkaar heen wervelende noten van de bovenste partijen. Net als in de veel kortere oerversie van dit koraal, die uit Weimar stamt, put Bach met veel fantasie uit allerlei compositorische vaatjes. Zo stoffeert hij met verve de hectiek van ‘het spreken in tongen’, waar ook de koraaltekst aan refereert. Alle turbulentie komt ten slotte ten einde met een kort maar krachtig halleluja. 
Een vertaling van dit lied door Ad den Besten is opgenomen in het Liedboek voor de Kerken, lied 240.


Fragment BWV 651.

Fantasia Super: Komm, Heiliger Geist - Leo van Doeselaar

Fantasia super „Komm, Heiliger Geist“ - Mirjam Laetitia Haag


Komm Heiliger Geist, Herre Gott,
erfüll mit deiner Gnaden Gut
deiner Gläubigen Herz, Mut und Sinn,
dein brennend Lieb entzünd in ihn'.
O Herr, durch deines Lichtes Glanz
zum Glauben du versammelt hast
das Volk aus aller Welt Zungen.
Das sei dir, Herr, zu Lob gesungen.
Halleluja, Halleluja.

Du heiliges Licht, edler Hort,
laß uns leuchten des Lebens Wort
und lehr uns Gott recht erkennen,
von Herzen Vater ihn nennen.
O Herr, behüt vor fremder Lehr,
daß wir nicht Meister suchen mehr
denn Jesus mit rechtem Glauben
und ihm aus ganzer Macht vertrauen.
Halleluja, Halleluja.

Du heilige Glut, süßer Trost,
nun hilf uns, fröhlich und getrost
in deim Dienst beständig bleiben,
die Trübsal uns nicht wegtreiben.
O Herr, durch dein Kraft uns bereit
und wehr des Fleisches Ängstlichkeit,
daß wir hier ritterlich ringen,
durch Tod und Leben zu dir dringen.
Halleluja, Halleluja.

zaterdag 21 februari 2026

BWV 650 “Kommst du nun, Jesu, vom Himmel herunter”

Schüblerkoralen

Nederlandse Bachvereniging:
Binnen het verhaal van de zes Schübler-Choräle staat dit afsluitende koraal voor de Advent. Om die structuur te realiseren moest Bach (of de anonieme bewerker) wel een tekstueel trucje uithalen. De cantate waaruit hij deze aria leende, en dan vooral het gebruikte koraal Lobe den Herren, hebben immers niets met Jezus’ geboorte te maken: BWV 137 gebruikt een meer algemene jubeltekst en klonk bovendien ergens midden in het kerkjaar. Het kerstige accent wordt aangebracht door op de muziek een alternatieve koraaltekst te plakken, al moeten we die er in deze puur instrumentale zetting uiteraard zelf bij denken.De bewerking volgt de originele altaria vrijwel letterlijk, met de hoogscherende vioolsolo in de rechterhand. Overgezet op het orgel verliest de solo iets van zijn bravoure, wat mooi past bij het ‘nieuwe’ koraal. Dat spreekt niet zoals in de cantate van troost en bescherming, maar smeekt dringend om verlossing door Christus’ komst. Over de andere stemmen is twijfel: ofwel gaat het koraal naar de linkerhand en het continuo naar het pedaal, ofwel andersom met het koraal op de voeten. Kiest de speler voor het laatste, zoals de diverse organisten hier doen, dan gaat het om de enige geornamenteerde cantus firmus binnen Bachs gekende muziek.”
Het lied is geschreven door Caspar Friedrich Nachtenhöfer

BWV 650.

Kommst du nun, Jesu, vom Himmel herunter - Bart Jacobs

Kommst du nun, Jesu, vom Himmel herunter - Anne-Isabelle de Parcevaux


Kommst du nun, Jesu! vom himmel herunter auf erden?
Soll nun der himmel und erde vereiniget werden?
Ewiger Gott!
Kann dich mein jammer und noth
Bringen zu menschengeberden?

Was ich in Adam und Eva durch sterben verloren,
Hast du mir, Jesu! durch leben und leiden erkoren.
Gütiger Gott!
Alle mein jammer und noth
Endet sich, da du geboren.

Teufel und hölle die zürnen und halten zusammen,
Wollen mich sünder verschlingen und gänzlich verdammen.
Mächtiger Gott!
Wende den jammer und noth;
Tilge die höllischen flammen!

Gib mir, o Jesu! nur heilige, gute gedanken;
Halte die glieder des leibes in heiligen schranken.
Heiliger Gott!
Laß mich nach deinem gebot
Herzlich im glauben dir danken.

Führe mich endlich, o Jesu! in's ewige leben,
Welches du allen, die gläuben, versprochen zu geben;
Da ich bei Gott,
Ohne noth, jammer und tod,
Ewig in freuden kann schweben.


 

BWV 652 “Komm, heiliger Geist, Herre Got”

Leipziger koralen Een andere bewerking van hetzelfde koraal als op 22 februari. Maar het karakter is totaal anders. Hier geen grote uitbundi...