zaterdag 20 juni 2026

BWV 768 “Partite diverse sopra: Sei gegrüsset, Jesu gütig”

Orgelwerken

Maar liefst elf variaties ditmaal na het koraal.

Nederlandse Bachvereniging:
In al zijn koraalbewerkingen heeft Bach zich voor stijl en sfeer laten inspireren door de tekst van het kerklied dat ten grondslag ligt aan zijn compositie. Maar bij zijn koraalpartita’s lijkt het pure speelplezier en de inventiviteit de boventoon te voeren. Voor zijn variaties op ‘Sei gegrüsset, Jesu gütig’ heeft hij letterlijk alle registers opengetrokken: ruim twintig minuten lang verkent hij de harmonische, ritmische en stilistische mogelijkheden van zijn uitgangsmelodie. De kunst van het variëren was in Bachs tijd al ouderwets. Maar Georg Böhm, de orgelvirtuoos die de vijftienjarige Bach leerde kennen tijdens zijn schooltijd in Lüneburg, was er een meester in. Via Böhm kwam Bach ook in contact met Reincken, en via hem weer met Buxtehude, beiden componisten die de variatiekunst nog helemaal in de vingers hadden. Er was veel wat Bach van deze meesters kon opsteken, maar de uitdaging van het variëren moet de jonge Bach in het bijzonder hebben aangesproken. Niet alleen het concipiëren van een zo gevarieerd en uitgekiend mogelijke reeks, maar ook de virtuoze vertolking ervan bood gelegenheid om zijn idolen naar de kroon te steken.


Fragment BWV 768.

Partite diverse sopra: Sei gegrüsset - Leo van Doeselaar

‘Sei gegrüsset, Jesu gütig’ - Gerben Budding


Sei gegrüßet, Jesu, gütig
über alle Maß sanftmütig,
ach! wie bist du so zerschmissen
und dein ganzer Leib zerrissen?
Lass mich deine Liebe erben
und darinnen selig sterben.

O Herr Jesu! Gott und mein Heil
meines Herzens Trost und mein Teil,
beut mir deine Hand zur Seiten,
wenn ich werde sollen streiten.
Lass mich deine Liebe erben
und darinnen selig sterben.

Jesu! schone meiner Sünden,
weil ich mich zu dir tu finden
mit betrübten Geist und Herzen,
dein Blut lindert meine Schmerzen.
Lass mich deine Liebe erben
und darinnen selig sterben.

O du rot und weiße Quelle,
kühle meine matte Seele,
wenn ich werde unten liegen
hilf mir ritterlich obsiegen.
Lass mich deiner Lieb genießen
und mein Leben drin beschließen.

o wie freundlich kannst du laben,
Jesu alle, die dich haben;
Die sich halten an dein Leiden,
können seliglich abscheiden.
Lass mich deiner Lieb genießen
und mein Leben drin beschließen.

Wenn der Feind mich tut anklagen,
lass mich Jesu, nicht verzagen,
wenn ich aus dem Elend fahre,
meine Seele du bewahre,
singen immer: Heilig! Heilig!
Heilig! alsdenn bin ich selig!

Süßer Jesu, Gnadensonne,
mein schatz, höchste Freud und Wonne,
ewig, ewig lass mich loben
mit den Engeln dich dort droben,
singen immer: Heilig! heilig!
heilig! alsdenn bin ich selig!

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

BWV 768 “Partite diverse sopra: Sei gegrüsset, Jesu gütig”

Orgelwerken Maar liefst elf variaties ditmaal na het koraal. Nederlandse Bachvereniging: “ In al zijn koraalbewerkingen heeft Bach zich voor...